In de loop der jaren heeft deze plant veel verschillende namen gekend, ofwel omdat hij bij een andere soort werd ingedeeld, of als zelfstandige soort benoemd werd, of omdat hij zgn. herontdekt werd. Zo heette hij Citrus aurantium variëteit Otaitensis, daarna Citrus Taitensis, toen Citrus limonia Osb. var. Otaheite, later Citrus tangerina Hort. ex Tan. En nu wordt hij aangeduid als: Lemandarin var. Otaheite (kruising van lemon en mandarin). In de gewone volksmond werden o.a. de volgende namen gebruikt: "niet zure sinaasappel", "Pinocchio sinaasappel", zoete mandarijn, en nu Otaheite. Geen wonder dat er zoveel verwarring blijft bestaan over de juiste naam van zo'n plant. En de liefhebbers vaak maar denken dat er weer een nieuw soort of variëteit op de markt verschenen is! Deze naamgevingsperikelen kom je trouwens bij heel veel citrusplanten tegen. Vandaar ook dat men op dit moment bij twijfels probeert om, mede met behulp van DNA-onderzoek, tot een juiste naamkeuze en soorttoedeling te komen. Maar nu terug naar de Otaheite zelf: In pot blijft het een mooie kleinere boom. Hij is vrij van doornen en heeft een dichte bebladering. Die bladeren zijn donkergroen en ovaal-lancetvormig. Nieuwe scheuten zijn in het begin diep paars van kleur. Ook de bloemknoppen hebben die kleur, alhoewel de bloemen die heerlijk geuren, van binnen wit zijn. Hij bloeit eigenlijk het hele jaar door en is zeer rijkdragend. De vruchten zijn klein, met een diameter van ongeveer 4-5 cm., en bolvormig; aan de boven- en onderkant afgeplat. De bovenkant van de vrucht loopt vaak uit in een kleine tepel, en bij de basis (kant van het steeltje) heeft hij een kleine nek. De vruchten die bij rijpheid oranje kleuren, blijven lang aan de plant hangen, wat de sierwaarde flink vergroot. De dunne schil van de vrucht, die gemakkelijk los laat bij het pellen, bevat veel oliekliertjes.
|